Het verhuren van een huis kan een slimme investering zijn. Maar wat zijn de nieuwe regels in 2026 omtrent het verhuren van een woning en hoeveel belasting moet je betalen over de huurinkomsten? In dit artikel bespreken we de belangrijkste zaken waar je als verhuurder rekening mee moet houden.
Belasting over huurinkomsten in 2026
Als je een woning verhuurt, moet je belasting betalen over de huurinkomsten. De huurinkomsten vallen in box 3 van de inkomstenbelasting, waar het inkomen uit sparen en beleggen wordt belast. In 2026 is het belastingtarief in box 3 36%.
Het heffingsvrije vermogen in box 3 bedraagt in 2026 €57.000 per persoon. Dit betekent dat je over de eerste €57.000 aan vermogen (waaronder de WOZ-waarde van de verhuurde woning minus eventuele schulden) geen belasting hoeft te betalen.
Voorbeeldberekening belasting huurinkomsten
Stel, je verhuurt een woning met een WOZ-waarde van €300.000. De hypotheekschuld op deze woning bedraagt €200.000. De grondslag voor de belasting in box 3 is dan:
- WOZ-waarde woning: €300.000
- Hypotheekschuld: €200.000
- Grondslag sparen en beleggen: €300.000 - €200.000 = €100.000
- Heffingsvrij vermogen: €57.000
- Belast vermogen: €100.000 - €57.000 = €43.000
Over dit belaste vermogen van €43.000 betaal je in 2026 36% belasting in box 3. Dit komt neer op €15.480 aan belasting over de verhuurde woning.
Wat houd je netto over van huurinkomsten?
Naast de belasting in box 3, zijn er nog andere factoren die bepalen hoeveel je netto overhoudt van de huurinkomsten. Enkele belangrijke punten zijn:
Hypotheekrente: De rente die je betaalt over de hypotheek op de verhuurde woning is aftrekbaar van de huurinkomsten. Hoe hoger de hypotheekrente, hoe lager je netto huurinkomsten zullen zijn.
Onderhoudskosten: Kosten voor onderhoud, reparaties en verbeteringen aan de verhuurde woning zijn ook aftrekbaar. Het is verstandig om hier jaarlijks een bedrag voor te reserveren.
Leegstand: Periodes waarin de woning niet verhuurd is, drukken je netto huurinkomsten. Je ontvangt dan immers geen huur, terwijl vaste lasten zoals hypotheekrente doorlopen.
Overige kosten: Denk ook aan andere kosten zoals de opstalverzekering, onroerendezaakbelasting, VvE-bijdrage en eventuele beheerskosten. Deze drukken allemaal je netto rendement.
Voorbeeldberekening netto huuropbrengst
Stel, je verhuurt een woning voor €1.500 per maand. Op jaarbasis is dit €18.000 aan bruto huurinkomsten. Hier gaan de volgende kosten nog vanaf:
- Hypotheekrente: €6.000
- Onderhoudskosten: €2.000
- Leegstand (1 maand): €1.500
- Overige kosten: €1.500
De netto huurinkomsten komen dan uit op €18.000 - €6.000 - €2.000 - €1.500 - €1.500 = €7.000 per jaar. Hier moet je nog wel box 3 belasting over betalen.
Zoals je ziet hebben verschillende factoren invloed op je uiteindelijke netto rendement van een verhuurde woning. Het is belangrijk om hier van tevoren goed over na te denken en berekeningen op te maken voordat je besluit een
huis te kopen om te verhuren.
Veranderingen voor verhuurders in 2026
Door nieuwe regels moeten verhuurders in 2026 met andere zaken rekening houden dan enkele jaren geleden:
Wet Vaste Huurcontracten
Sinds 1 juli 2026 is de nieuwe Wet Vaste Huurcontracten ingegaan. Deze wet beperkt de mogelijkheden voor tijdelijke huurcontracten. Huurovereenkomsten voor woonruimte zijn vanaf dan in principe voor onbepaalde tijd. Alleen in uitzonderingsgevallen kan nog een tijdelijk huurcontract worden afgesloten. Dit biedt meer zekerheid voor huurders.
Verruiming woningwaarderingsstelsel
Ook de Wet Betaalbare Huur is per 1 juli 2026 ingegaan. Hiermee zijn meer huurwoningen onder de huurprijsregulering komen te vallen en zijn ook de huurprijzen in het middensegment gereguleerd. Voor verhuurders betekent dit dat ze voor meer woningen aan een
maximale huurprijs gebonden zijn.
Wanneer mag ik mijn huis wel tijdelijk verhuren?
Zoals gezegd zijn er enkele uitzonderingen waarbij tijdelijke verhuur onder bepaalde omstandigheden nog steeds mogelijk is:
- Verhuur via de Leegstandswet als de woning tijdelijk leegstaat en niet direct verkocht of langdurig verhuurd kan worden. De gemeente kan hiervoor toestemming geven voor maximaal 5 jaar voor een te koop staande woning.
- Tijdelijke verhuur aan specifieke doelgroepen, zoals studenten die tijdelijk elders studeren, huurders die vanwege renovatie tijdelijk verhuizen, statushouders die uit een COA-opvanglocatie komen, jongeren tussen 16-27 jaar die het huurcontract overnemen van een overleden ouder/verzorger, en personen in een sociale noodsituatie. Voor deze groepen is een tijdelijk huurcontract van maximaal 2 jaar mogelijk.
- Tijdelijke verhuur aan mensen die tijdelijk op een van de Waddeneilanden wonen voor seizoenswerk.